Kaartspel pesten: zo werkt The complaints challenge
Ontdek wat het kaartspel over pesten en ongewenst gedrag op de werkvloer inhoudt. Lees hoe The complaints challenge casussen inzet om moeilijke gesprekken zorgvuldig te starten.
Wie zoekt op kaartspel pesten, kan twee dingen bedoelen: het bekende kaartspel Pesten, of een kaartspel waarmee pesten en ander ongewenst gedrag bespreekbaar worden gemaakt. Dit artikel gaat over die tweede betekenis. Het gaat om The complaints challenge, een spel dat Baker McKenzie Amsterdam uitbracht voor gesprekken over onveilige situaties op de werkvloer.
Het spel gebruikt herkenbare casussen en uitspraken uit de rechtspraak. Deelnemers bespreken wat er volgens hen is gebeurd, welke vragen daarbij horen en welke juridische gevolgen een situatie kan hebben gehad. Daarna vergelijken ze hun inschatting met de daadwerkelijke uitspraak. Zo wordt een lastig onderwerp niet alleen uitgelegd, maar ook actief besproken.
Wat is het kaartspel over pesten?
The complaints challenge is een gesprekskaartspel over pesten, ongewenst gedrag en ander grensoverschrijdend gedrag op het werk. Het werd ontwikkeld door Baker McKenzie Amsterdam. Op de kaarten staan casussen en gerechtelijke uitspraken uit de vijf jaren die aan de lancering voorafgingen, volgens de berichtgeving over het spel.
De opzet is eenvoudig:
- Een deelnemer leest een situatie of aanklacht voor.
- De groep bespreekt wat er volgens hen aan de hand is.
- Deelnemers schatten in welke juridische gevolgen daarbij horen.
- De uitkomst wordt naast de daadwerkelijke rechterlijke uitspraak gelegd.
- De groep bespreekt wat de casus betekent voor signaleren en handelen op de werkvloer.
Daarmee is het geen traditioneel kaartspel waarin iemand punten verzamelt of de laatste kaart probeert weg te spelen. De kaarten zijn het startpunt voor een begeleid gesprek. Het doel is inzicht en bewustwording, niet winnen.
Waarom werkt een kaartspel voor dit onderwerp?
Pesten en ongewenst gedrag zijn vaak moeilijk rechtstreeks te bespreken. Mensen kunnen bang zijn om een collega te beschuldigen, herkennen signalen niet meteen of weten niet hoe ze moeten reageren. Een casus op een kaart creëert enige afstand. De groep praat eerst over een voorbeeld, voordat iemand een persoonlijke ervaring hoeft te delen.
Die afstand kan drie voordelen hebben:
- Een concreet vertrekpunt: een situatie is makkelijker te bespreken dan een algemeen begrip als sociale veiligheid.
- Meerdere invalshoeken: deelnemers kunnen vragen stellen en verschillende interpretaties naast elkaar zetten.
- Leren van de uitkomst: de feitelijke uitspraak laat zien dat intuïtie en juridische beoordeling niet altijd hetzelfde zijn.
Dat maakt het spel vooral geschikt als gespreksstarter. Het vervangt geen onderzoek naar een individuele melding en geeft geen automatisch antwoord op elke werksituatie.
Hoe is The complaints challenge ontstaan?
Baker McKenzie Amsterdam bracht het spel uit omdat gesprekken over pesten en ongewenst gedrag op de werkvloer lastig bespreekbaar blijven. Het initiatief kwam van arbeidsrechtadvocaat Mirjam de Blécourt. De officiële lancering vond plaats tijdens een seminar over grensoverschrijdend gedrag.
Bij die lancering bespraken De Blécourt, Daniëlle Pinedo, Anna van Bracht en Jim Vrijaldenhoven het juridische kader rond grensoverschrijdend gedrag op de werkplek. Regeringscommissaris Mariëtte Hamer nam het eerste exemplaar in ontvangst.
Het Rijksmuseum werkte mee aan de ontwikkeling. Het spel bevat daarom ook beelden uit de museumcollectie, waaronder Het melkmeisje en De Nachtwacht. Dat is een opvallende keuze: de culturele beelden geven het spel een visuele laag naast de juridische casussen.
Voor wie is dit kaartspel bedoeld?
De primaire doelgroep bestaat uit organisaties die met elkaar willen praten over sociale veiligheid, pesten en grensoverschrijdend gedrag. Denk aan directies, leidinggevenden, HR-teams en deelnemers aan een seminar of training.
Het spel kan ook interessant zijn voor iedereen die wil begrijpen hoe je een moeilijk onderwerp in een groep introduceert. Wie vooral een gezellig spel voor een avond zoekt, kan beter eerst kijken naar andere kaartspellen voor groepen. The complaints challenge vraagt namelijk om aandacht, begeleiding en een veilige setting.
Zo bereid je een gesprek met casuskaarten voor
Een goede voorbereiding bepaalt of de kaarten een leerzaam gesprek opleveren of juist spanning veroorzaken. Gebruik deze aanpak als praktische leidraad.
1. Spreek het doel vooraf uit
Vertel waarom je de casuskaarten gebruikt. Gaat het om herkennen van signalen, oefenen met reageren of beter begrijpen hoe een juridische beoordeling tot stand komt? Een duidelijk doel voorkomt dat het gesprek alle kanten opgaat.
2. Maak ruimte voor vragen
Leg uit dat deelnemers eerst mogen verduidelijken wat ze lezen. Een onduidelijke situatie leidt snel tot verschillende aannames. Vraag daarom: wat weten we zeker, wat vullen we zelf in en welke informatie ontbreekt?
3. Houd de casus centraal
Laat de groep beginnen bij het gedrag en de omstandigheden op de kaart. Vermijd dat deelnemers meteen een aanwezige collega of een actuele kwestie aanwijzen. Een casus is bedoeld om te leren, niet om iemand publiekelijk te beoordelen.
4. Scheid inschatting en uitspraak
Laat deelnemers eerst zelfstandig of in kleine groepjes nadenken. Bespreek daarna de verschillen. De juridische uitkomst is een leermoment, geen quizvraag waarbij degene met het beste antwoord wint.
5. Bepaal een veilige vervolgstap
Sluit af met een praktische vraag: wat zouden we in deze organisatie eerder willen signaleren, bespreken of vastleggen? Als een deelnemer een persoonlijke melding wil doen, verwijs dan naar de bestaande vertrouwelijke route binnen de organisatie. Forceer geen onthulling in de groep.
Wat maakt een casuskaart sterk?
De kracht van dit soort kaartspellen zit niet in ingewikkelde spelregels, maar in de kwaliteit van de situaties. Een bruikbare casus is concreet genoeg om te bespreken en open genoeg om meerdere vragen op te roepen.
Let op deze eigenschappen:
- De rollen en omstandigheden zijn begrijpelijk beschreven.
- Het gedrag staat centraal, niet alleen het oordeel erover.
- De groep kan benoemen welke informatie nog ontbreekt.
- Er is ruimte om zowel impact als verantwoordelijkheid te bespreken.
- De nabespreking maakt duidelijk wat deelnemers uit de casus kunnen leren.
Wie zelf een educatief spelconcept ontwikkelt, kan beginnen met een eigen kaartspel maken. Denk dan niet alleen aan een opvallend kaartontwerp, maar vooral aan een heldere opdracht per kaart, een consistente structuur en een test met echte spelers.
Wat dit kaartspel wel en niet doet
Het spel helpt om taal te geven aan situaties die anders vaag blijven. Deelnemers oefenen met observeren, vragen stellen en een eerste inschatting maken. Ook laat de vergelijking met een rechterlijke uitspraak zien waarom context ertoe doet.
Tegelijkertijd zijn er grenzen. Een kaartspel kan geen vertrouwenspersoon vervangen, geen feitenonderzoek uitvoeren en geen juridisch advies geven over een actuele melding. De spelvorm maakt een onderwerp toegankelijker, maar neemt de ernst van het onderwerp niet weg.
Daarom is de begeleider belangrijk. Die bewaakt de tijd, voorkomt persoonlijke aanvallen en zorgt dat deelnemers weten waar ze terechtkunnen met zorgen die tijdens het gesprek naar boven komen.
Is dit hetzelfde als het kaartspel Pesten?
Nee. Het kaartspel Pesten is een recreatief spel met eigen huisregels en speelafspraken. The complaints challenge is een educatief gespreksinstrument over pesten en ander ongewenst gedrag op de werkvloer. De overeenkomst zit vooral in het gebruik van kaarten, niet in het doel of de spelmechaniek.
Die nuance is belangrijk voor zoekers. Wie spelregels voor het gewone kaartspel Pesten zoekt, heeft een andere gids nodig. Wie wil weten hoe je pesten op het werk bespreekbaar maakt, zoekt naar het kaartspel dat in dit artikel centraal staat.
Veelgestelde vragen over kaartspel pesten
Hoe heet het kaartspel over pesten op de werkvloer?
Het heet The complaints challenge. Baker McKenzie Amsterdam ontwikkelde het als kaartspel over casussen rond pesten, ongewenst gedrag en ander grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer.
Is The complaints challenge een spel om te winnen?
Nee. Deelnemers bespreken casussen en schatten juridische gevolgen in. Daarna vergelijken ze hun ideeën met de daadwerkelijke uitspraak. Het belangrijkste doel is leren en een gesprek starten, niet punten verzamelen.
Wie ontwikkelde het kaartspel?
Baker McKenzie Amsterdam bracht het spel uit. Mirjam de Blécourt was initiatiefnemer. Bij de ontwikkeling werkte Baker McKenzie samen met het Rijksmuseum.
Kun je het spel gebruiken bij een persoonlijke melding?
Wees daar voorzichtig mee. Gebruik een casuskaart niet om een individuele melding in een groep te behandelen. Een persoonlijke melding hoort via een passende, vertrouwelijke route te worden opgepakt. Het kaartspel kan wel helpen om vooraf algemene afspraken over signaleren en melden te bespreken.
Conclusie
Het kaartspel waar mensen met kaartspel pesten vaak op doelen, is geen variant op het recreatieve kaartspel Pesten. The complaints challenge gebruikt casussen, vragen en rechterlijke uitspraken om pesten en grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer bespreekbaar te maken.
De beste toepassing is een zorgvuldig begeleid gesprek: eerst de situatie begrijpen, vervolgens verschillende reacties onderzoeken en ten slotte bespreken wat de organisatie hiervan kan leren. Zo worden kaarten geen doel op zich, maar een concrete ingang voor betere gesprekken over sociale veiligheid.